Ruimte voor Seveso-bedrijven

Bepaling geschikte locaties en ruimtebehoefte 

In opdracht van het Agentschap Economie van de Vlaamse overheid heeft Grontmij een omvangrijk locatieonderzoek uitgevoerd naar de beschikbare ruimte voor Seveso-bedrijven in Vlaanderen.

Seveso-bedrijven zijn immers activiteiten die omwille van de preventie of de beperking van de gevolgen van zware ongevallen ruimtelijk moeten afgezonderd worden van kwetsbare locaties zoals woongebieden, scholen, zieken- en rusthuizen, verzorgingstehuizen en attracties waar veel bezoekers op af komen.

Begin 2009 kende Vlaanderen bijna 270 Seveso-bedrijven, waarvan ongeveer 40 procent in de zeehavengebieden gelegen. De mogelijke risico’s die gepaard gaan met de exploitatie van die Seveso-bedrijven zijn afhankelijk van de aard en de hoeveelheid gevaarlijke stoffen in het bedrijf. Het resultaat van de studie is een grotere ondersteuning van een aangepast (locatie)beleid van Seveso-bedrijven

De ruimtebehoefte van Seveso-bedrijven moet een plaats krijgen in het  ruimtelijke ordeningsbeleid. Maar hierbij moet met de verscheidenheid van de externe (mens)risico’s van de Seveso-bedrijven rekening gehouden worden. Seveso-bedrijven zonder of met beperkte externe mensrisico’s kunnen gehuisvest worden op de reguliere bedrijventerreinen die bestemd worden, op voorwaarde dat een ruimtelijk veiligheidsrapport wordt opgemaakt bij het RUP. Als Vlaanderen buiten de zeehavengebieden ook ruimte wil creëren voor Seveso-bedrijven met een hoog extern mensrisico, dan zullen specifieke locaties moeten voorzien worden waar voldoende veiligheidsafstand aanwezig is.

Het Agentschap Ondernemen heeft op basis van deze studie beleidsaanbevelingen geformuleerd duiding over:

- de toekomstige ruimtebehoefte van Seveso-bedrijven en de beschikbare ruimte in Vlaanderen;
- geschikte locaties voor Seveso-bedrijven;
- het omgaan met investeringsvragen van Seveso-bedrijven.


Principes van het locatieonderzoek